Topografie

Uit de lucht

Aardolie spreidingsplan

Historie

De Gastermolen

De Dorps pomp

Wapen van Nigtevecht

Het Hoogheemraadschap

De Sluizen

Oud-Burgemeesters

De Vecht

Kaart van Jan Wandelaar

Tsaar Peter de Grote van Rusland

Oer Kano IJzertijd

Fort Nigtevecht

Jan Voerman Jr.(1890-1976)

KLM Fokker

Liedjes en verzen

Foto's van Nigtevecht

Tekeningen van Nigtevecht

Websites over Nigtevecht

Tol recht

Nationaal archief

Topografie.


Grotere kaart weergeven

Nigtevecht ligt in de Provincie Utrecht.

Latitude 52.2666664124 Longitude 5.0333333015 Altitude (feet) -3
Lat (DMS) 52° 16' 0N Long (DMS) 5° 1' 60E Altitude (meters) 0

Gerecht Nigtevecht, t/m 1797
Gemeente Nigtevecht, 1798-1988
per 1-1-1989 onderdeel van gemeente Loenen

omhoog

Nigtevecht van uit de lucht.

Duidelijk zie je het Kanaal en de "bocht" in de vecht.

Het graven van het Merwedekanaal is gestart in 1881 en in 1892 was men "klaar", maar tijdens de jaren 30 van de twintigste eeuw is het voor het eerst verbreed en heet sinds 1939 Amsterdam-Rijnkanaal.
In 1974-1975 is het Amsterdam-Rijnkanaal nog maals verbreed zoals het nu is.

Heel duidelijk is ook het fort Nigtevecht te zien.
En rechts van het plaatsje aan de overkant van de vecht loopt de weg in een 90° hoek. Tussen deze weg en de vecht bevond zich het landgoed "Petersburg".

omhoog

Aardolie spreidings plan.

Op de foto (boven), zie je in het midden boven een 11 cirkels.
Deze tanks zijn gebouwd in het kader van het zogenaamde “Olie Spreidings plan”.
De zijn 11 tanks, doorsnede 23,5 m , hoogte 14 m, inhoud 6000 m3, en bevatten zware stookolie, het opp. terrein is ca. 250 x 120 m.

Olie Spreidings plan :

Veruit het grootste deel van de in ons land aanwezige voorraad aardolieprodukten is geconcentreerd te Pernis.
Deze concentratie is bij een mogelijke oorlog bijzonder gevaar vol. Moderne aanvalsmiddelen zouden immers deze voorraad in een klap volledig kunnen vernietigen.
De schade, die hier mede zou worden toegebracht aan het maatschappelijk leven en de economische ondersteuningsmogelijkheden voor de krijgsmacht, zou onaanvaardbaar groot zijn. Dientengevolge worden over het hele land overheid depots voor een gespreide opslag gebouwd, zodat gedurende de eerste oorlogsfase de voorziening van aardolieprodukten zoveel mogelijk is veilig gesteld.
Er zijn in totaal 7 depots gebouwd, nl : Depot Arnhem, Depot Den Bosch, Depot Groningen, Depot Hengelo, Depot Jutphaas, Depot Linne & Depot Nigtevecht.

Ten tijde van het Olie Spreidings plan, viel het depot aardolieproducten in Nigtevecht onder het Min. van Economische zaken, en de toenmalige beheerders waren Shell, Esso en Galtez.
De planning bouw depot Nigtevecht, startte op 27 Juni 1963. Oorspronkelijk was Maarsen gekozen, maar om stedenbouwkundige plannen was dit niet mogelijk.
Op de lokatie bevinden zich ook een ketelhuis met kantoor, leiding koker, tank fundaties en een weeg brug.
De bouw van de tanks was ca. fl. 1.550.000 en van het ketelhuis ca. fl. 550.000.
Goedkeuring en bouw vergunning van de gemeente kwam op 29 Juli 1966 en men is daarna metteen gaan bouwen.
De goedkeuring liet zo lang op zich wachten, omdat men bang was voor milieu schade en brand. Ook de gevaarlijke stoffen die in fort Nigtevecht opgeslagen zouden kunnen zijn, kwamen ter discussie.
Boer C de Haan was bereid zijn land, de percelen aan de kanaaldijk kadastraal sectie C 59, 60, 62, 194, 225, 226 & 227 te verkopen.
De naam van de installatie is "Rijks Depot".

Na de eerste golfoorlog is de Regering in 1993 tot de conclusie gekomen dat het oliespreidingsplan achterhaald was. Het Nederlandsche en internationale olie beleid, de afspraken met IEA (Internationaal Energie Agentschap) en de EU waren inmiddels drastisch gewijzigd. Hierop zijn de depot's van de hand gedaan en is het beleid veranderd. De rijks-depot's werden verkocht. Nu is GULF de eigenaar van het depot in Nigtevecht.

Meer informatie omtrend het oliespreidingsplan en de rijks-depot's kun je vinden op :Koude Oorlog - Nutsvoorzieningen.

omhoog

Historie van Nigtevecht.

Meer dan duizend jaren geleden heette de streek, waarin ons tegenwoordig Nigtevecht ligt "Nifterlake".
Deze gouwe of landstreek lag tussen "Nardingcland" en "Rinland" , en was omgeven door zeer vele meren.
"Nifterlake" nu betekent "Nevens de meeren". Met recht dus was deze naam aan onze landstreek gegeven.
In den naam "Nifterlake" is de oorsprong des naams "Nichtevecht" te zoeken.
Gaande weg zal het gedeelte van de gouwe, dat langs de Vecht lag, een meer afgerond geheel zijn geworden, later een ambacht of gerecht, dat bijzonder aangeduid behoorde te worden.
En waar nu de gehele streek "Nifterlake" heette, zo zal het gedeelte langs de Vecht den naam gekregen hebben van Niftar Vecht of Neffens de Vecht of Niftevecht, betekende Nevens de Vecht.
In verloop van tijden, is de letter f voor een t overgegaan in een ch (niet in een g), en zo is de naam Nichtevecht ontstaan.
Nichtevecht betekent dus "Nevens de Vecht" en niet "Neight de Vecht" naar de neiging, de bocht van de Vecht.
Nigtevecht moet dus eigenlijk geschreven worden met een ch in de eerste lettergreep.

De naam 'Nichtevecht' komt voor het eerst in een officieel stuk, van Bisschop Jan van Utrecht, in 7 Okt 1327. Dit gaat over het verpanden van het Huis te Vredelant, door Bisschop Jan van Diest aan de Hollandse Graaf Willem van Henegouwen, hierin wordt Nigtevecht een schoutambacht genoemd.
Toch was de plek toen al eeuwenlang bewoond.
Reeds sinds de Romeinse tijd voeren de Friese schippers hier voorbij om zaken te doen met plaatsen aan de rijn, en ook zendelingen die vanuit Utrecht de Friezen wilden bekeeren legden hier regelmatig aan.
De Middeleeuwen vormden een periode van een zekere welvaart en rust. De streek was het enige veilige doorgangsgebied en de gronden waren hier zeer vruchtbaar. Schippers verdienden er een goede boterham en er ook woonden er riviervissers.
Na 1122, toen de Duitse keizer geen bisschoppen meer mocht benoemen, zagen de graven van Holland hun kans schoon hun gebied ten koste van de Utrechtse bisschop te vergroten. Op den duur kwam Nigtevecht in een Utrechtse enclave te liggen, omringd door Hollands grondgebied, zoals in feite ook nu nog het geval is. Eerst stond het onder het gezag van een bisschop, maar later werd het een erfelijke heerlijkheid. Vanaf het begin van de 15e eeuw teisterden allerlei rampen Nigtevecht.
Met de komst van Jacoba van Beieren, in 1417, laaiden de Hoekse en Kabeljauwse twisten weer hoog op, wat ook deze streek niet ongemoeid liet.
De Gelderse troepen van Maarten van Rossum brandden in 1528 het dorpje plat.
Daarna kwamen de geuzenbenden van Jan Cruysbergen, oud-pastoor van Nigtevecht, roven.
In 1673 deden de Fransen dit nog eens grondig over. Een groep van 600 man, onder aanvoering van de Marquis de Boufflers, trokken midden in de winter, uit Utrecht, via schans Hindendam, naar Nigtevecht. Het dorp, waaronder de kerk, de pastorie, het recht-huis, de hofsteden en boerderijen werden in brand gestoken. Alleen het huis van de schoolmeester bleef gespaard.
De dorpelingen waren over het ijs naar Weesp gevlucht. Langs de gehele weg op hun terugtocht voerden de Fransen gevangenen mee, die blootstonden aan barbaarse wreedheden.
Twee jaar later brak tijdens een novemberstorm de Zeeburger- en Diemerzeedijk door, waardoor alle polders erachter tot aan Breukelen en Portengen, onder water kwamen te staan. Ook Nigtevecht werd toen zwaar getroffen.
Door gebrek aan behoorlijke landverbindingen was Nigtevecht altijd al een afgelegen dorp geweest.
Maar toen Godard van Reede in 1630 de Reevaart liet graven, die de grote Vechtbocht afsneed, werd het plaatsje ook nog eens van zijn scheepvaart beroofd.
In moderne tijden heeft men bij Nederhorst den Berg een verkeersdam in de Reevaart gelegd, waardoor deze nu voorgoed gestremd is. Voor Nigtevecht betekende dit een enorme toename van de pleziervaart over de Oude Vecht.
Zodoende ontstond een voldoende hoge waterstand om zo nodig (in tijd van oorlog), onmiddellijk de landen rondom Amsterdam onder water te kunnen zetten. Dit is echter nooit gebeurd.
De gemeente Nigtevecht was een heerlijkheid, welke in 1676, met alle gerechtigheden, door de Staten der provincie Utrecht werd overgedragen aan de Heer van Zuilen. Deze eerste ambachtsheer was Hendrik Jacob baron van Tuyll van Serooskerken.
Zo rond 1850 behoorde de heerlijkheid toe aan de Heer Mr. Willem Huydecoper, Commissaris der stad Amsterdam.
In 1722 was Mr. Joan Huydecoper, Heer van Maarsseveen en Burgemeester van Amsterdam, de ambachtsheer van Nigtevecht. Deze was tevens voorzitter van het college van kerkvoogden. Ook de volgende ambachtsheren uit deze familie vervulden het ambt van “president kerkvoogd”. In verband met de instelling van de nieuwe kerkorde door Jhr. L. Huydecoper van Nigtevecht in 1951 afstand van zijn rechten.
In 1788 werd Nigtevecht door de Pruisen geplunderd. De soldaten hadden een zilveren schenkbord en 2 schaaltjes, behorende tot de bediening van het Heilig avondmaal, en 888 guldens, 16 stuivers en 8 penningen uit de diakoniekist gestolen. De Pruisen waren het land binnengevallen om hier de rust te herstellen, nadat de patriotten de macht hadden gegrepen, maar deden dit wel op zeer zonderlinge wijze.
Toen later de Fransen hier binnentrokken, kwam van overheidswege het bevel dat de watermolens niet meer mochten malen. Op 1 Januari 1812 werd Nigtevecht door de Fransen samengevoegd met Nederhorst den Berg en Ankeveen. In 1818 is dit weer ongedaan gemaakt.
De komst van de Amsterdamse kooplieden en regenten bracht in de 17e en 18e eeuw wat meer welvaart in het gebied. Zoals ook in andere Vechtdorpen verrezen er in Nigtevecht langs de rivier fraaie huizen. Een aantal hiervan bepaalt nog steeds het silhouet van het dorp vanaf het water en de overkant van de rivier.
Zo bevond zich in Nigtevecht o.a. het buiten “Roosendaal”. “Petersburg” was een vorstelijk “landjuweel”, gelegen aan de Vecht tegenover “Breevecht”, aan de kant van Nederhorst den Berg.
Door de openstelling van het Amsterdam-rijnkanaal kreeg het dorp in 1952 eindelijk weer een goede vaar verbinding. De sluis tussen het kanaal en de Vecht was van belang voor schepen die in het achtergelegen plassengebied zand haalden.
Deze ontgrondingen zijn stopgezet, waarna de sluis buiten gebruik werd gesteld.

Een stukje transcriptie De Franschen in de Vechtstreek in 1672.
Medegedeeld door I.M. VAN WIJHE.
Jaarboekje van het Oudheidkundig.
Genootschap 'Niftarlake' van 1923

NICHTEVECHT.

Een fraij dorp aan de Vecht gelegen en niet verre van het steedje Weesp. Moest alsmede de gruwelen der Francen ondergaan en den wrede tirannische beker drinken, zij hadde verschijde malen wel last geleden door de stropende partijen, maar nu gong het verder.
Zij moorden en roofden het geheele dorp uijt. Zij waren net ontrent roversknegten en dragonders onder het commando van den Marquis de Bouflers uijt de stad Utrecht in het dorp Nichtvecht met expresse last en bevel om alles te verbranden en verwoesten tot den grond toe.
Hett sij uijt spijt van begeersucht omdat de inwoonders niet tijdig genoeg en overtollig waren geweest tot het opbrengen van haar opgelegde schatting of wel uijt wreede wraaklust omdat de Staatse benden eenige watermoolens daar ontrent en langs de Vecht uijt vrese of de Francen het onderleggende land mochte droog maken, hadden doen afbranden.
De inwoonders van Nichtveçht van het voornemen der Francen tirannen verwittgt sijnde, namen met alle hun tilbare goederen de vlught voor sooveel sij konden na Weesp, ondertussen vielen de Francen als woedende beesten in de huijsen en vandaar tot onder het schut van den Hinderdam genadert, staken daar eenige huijsmanswomingen in de brant.
Hierop deed de kapitijn Domselaar dien 't fort commandeerde aanstons met kanon eenige 't sijnschoten tot waarschouwinnge aan die van Muijden en Weesp en den Utermeersche Schans, waardoor alles in de omleggende garnizoenen in allarm geraakte; de voornoemde commandant, als naast daaraan gelelegen, commandeerde op 't beright, dat den vijand niet sterker, sond ontrent een gelijke partij uijt, de welke den vijand veel te sterck vindende, socht het op de bequaamste wijs te ontkoomen, dan vonden haar eer sij 't dochten van allen beset. Soo poogden sij door te breken, maar wirden soo gehavent dat verschijden van hem nevens eenige vijanden op de plaats bleven liggen, en daar bleven wel 60 man gevangen, de overige sijn het ter nawernoot noch ontkomen, toen begon de tirannij los gebroken en sijnde den toorn te vieren, alles moest toen voort, huijs voor huijs werd in de brant gestoken, de kerk wierd niet ontzien, maar onderging hetselfde lodt.
Het bleef noch bij het dorp niet, waar dese brantstichters gongen wel een half uur in 't ronde alles verwoestend sonder eenige verschoning, niets bleef er over als de grond. Dus was het gewelt en 't leven der Francen in de Hollandse dorpen overal wreed en schrikkelijk.v
De gevangens wierden naar Utrecht gebraght en met hun rijke roof aldaar dan als in triump omgevoert om al daar haar rentmeester, de opperste moordbrander, de hartog van Luxenmurg, rekenschap van hun goddeloos bedrijf te geven.
Onderwijle hadden se de gevangenen langs de weg van Nichtevecht tot aan Utrecht toe, niet allerleij barbaarse wreedheijt seer ellendig geplaagt. Sommige ten deele, andere geheel naakt uijtgschut, dus moesten ze nu met bloot voeten, langs den weg die met ijs en hagel besaaijt lagh na Utrecht gaan.
En hadden se noch mogen gaan, maar sij wierden met slagen en stoten voortgedreven, veel slimmer gehandelt als men de beesten doet. Dese gevangenen versteijfden van kouw en ongemack langs den wegh ses uuren lang. Het bloet droop deze ellendigen langs het lijf bij de beene af.
Te Utrecht op deze manieren gebragt sijnde soo verschrikten de inwoonders aldaar van dit deerlijk schouspel te sien, welke uijt mededogen deze ellendige gevangens alles toebragten, wat se konden om deze onnosele en naakte menschen te decken.

De verzamelkaart toont de drie kadastrale secties waarin Nigtevecht bij de invoering van het kadaster in 1832 was onderverdeeld.
Dwars door sectie B loopt het Merwedekanaal, dat in 1892 in gebruik werd genomen om de scheepvaartverbinding tussen Amsterdam en de Rijn aan te passen aan de moderne scheepvaart. In Nigtevecht ontmoetten de Vecht en het Merwedekanaal elkaar bij de sluizen in sectie C, het voormalige gerecht Klein Muiden. Tot 1818 behoorde Klein Muiden bij de provincie Holland.

Mooie kaart uit 1867.
Diverse kaarten zijn te vinden op genlink.nl

omhoog

De Gastermolen.

    Technische Gegevens

    Plaats: Nigtevecht
    Type: Achtkante grondzeiler
    Functie: Woonhuis
    Vlucht: 23.40m
    Binnenroede: 23.40m Fabr Pot te Kinderdijk nr.1654 1892
    Buitenroede: 23.40m Fabr. Pot te Kinderdijk nr.1429 1884
    Wieksysteem: Oud-Hollands
    Bovenas: Fabr. onbekend.
    Kruiwerk: Houten rollen
    Technische Staat: Zeer slecht

    Geschiedenis

    De Garstermolen in Nigtevecht is in 1876 gebouwd om zijn voorganger die afgebrand was te vervangen en heeft tot 1960 het waterschap Garsten van 306 ha bemalen.
    In 1960 werd de vijzel eruit gesloopt en de molen is nu een woonhuis.
    Er zijn plannen dat de Garstermolen de maalfunctie van het gemaal weer gaat overnemen, er zal dan weer een vijzel in komen te liggen.

    Molenmaker Verbij uit Hoogmade heeft in 2007 de uitgebreide restauratie van deze poldermolen nagenoeg afgerond. De restauratie van de Garstenmolen is een van de meest uitgebreide die de Stichting De Utrechtse Molens onder handen heeft gehad. Een groot deel van de restauratie betreft werkzaamheden die aan het oog zijn onttrokken: funderingsherstel van de waterlopen, herstel van het metselwerk van het gewelf onder de weg, van de waterlopen en van de vijzelkom en plaatsing van een nieuwe vijzel. Verder heeft de molen nieuwe wieken gekregen, nieuwe zeilen en een nieuw rietdek. In de jaren zestig van de vorige eeuw is het gaande werk voor een deel uit de molen gesloopt.
    Met de restauratie is dit weer hersteld.

omhoog

De Dorps pomp.

De pomp is aan de bewoners geschonken door mevrouw De Pré-Theunissen. Haar man was overleden door het drinken van Vechtwater dat besmet was met bacteriën.
Een ander soort drinkwater bestond niet, waterleiding was voor die tijd onbekend.
Door het verlies van haar man besloot zij een waterpomp te schenken aan de bewoners van Nigtevecht.
De pomp werd van hoogwaardig materiaal gemaakt, het filtreerwerk en buizen waren van bijzondere kwaliteit, smeedwerk en versierselen getuige dat hierop geen geld is bespaard.
Aan de voorzijde van deze pomp staat Anno 1893, tussen welk woord en jaartal het wapen is uitgesneden van de heer De Pré.
Verder staat "Ter nagedachtenis aan den heer Martinus Nicolaas de Pré Anno 1893". Aan de oostzijde "Door zijn weduwe Johanna Theunissen", aan de westzijde "Aan de Gemeente Nigtevecht aangeboden".

omhoog

Het Wapen van Nigtevecht.

Oorsprong/verklaring :

Het wapen is identiek aan het voormalige heerlijkheidswapen, zoals dat al aan het begin van de 18e eeuw werd gevoerd. Het wapen werd gevoerd als hartschild op het wapen van het geslacht Huydecoper van Nigtevecht, die tevens een variant voerden met de velden omgedraaid. De familie kwam in 1721 in het bezit van de heerlijkheid.

De gemeente voerde het wapen al enkele tientallen jaren. In 1972 werd voor het eerst verzocht het wapen officieel te laten verlenen. Er was echter geen duidelijkheid over de kleuren van de velden, zilver-blauw of blauw-zilver. De gemeente liet het er toen maar bij zitten, omdat er een dreiging was dat de gemeente bij Nederhorst den Berg gevoegd zou worden. Toen bleek dat de samenvoeging niet door zou gaan, werd besloten om alsnog een wapen aan te vragen. De oorsprong van het wapen was niet bekend. Het wapen komt al voor op een wapenbord uit 1675 van het Hoogheemraadschap Amstelland, waarvan Nigtevecht een van de districten vormde. Op dit wapenbord en ook op een gevelsteen uit 1609 blijkt dat het (heraldisch) rechterveld blauw zou zijn. Dit werd door een verfanalyse bevestigd, het was niet overgeschilderd. Toch komt later het wapen voor met de omgekeerde velden in het wapen van de familie Huydecoper. Dit is waarschijnlijk veroorzaakt door het feit dat het familiewapen ook een blauw rechter veld voerde, dit kwam de herkenbaarheid niet ten goede. Toen vast was komen te staan dat het rechterveld historisch blauw diende te zijn, werd het wapen aangevraagd en overeenkomstig verleend.

Deze informatie en nog veel meer kunt u terug vinden op :www.ngw.nl/n/nigteve.htm

heer·lijk·heid (de ~ (v.))

  • [gesch.] gebied waaraan een titel en rechten verbonden zijn
  • [gesch.] aan de heer toekomende rechten en bevoegdheden


    In Kasteel "Groeneveld" in Baarn vind je het Wapen ook terug.
    Daar is ook veel informatie terug te vinden over familie Huydecoper-van Nigtevecht.
    Als ik mij niet vergis hebben ze er zelfs gewoond.

    omhoog

    Het Hoogheemraadschap.

    Het wapen is ook terug te vinden op het Gemeente huis Diemerdijk. Het behoord tot "Wapens van de Hollandse en stigtse Distrikten composerend 't Hoogheemraadschap van den Zeeburg en Diemerdijk". Daterend uit 1609.
    Links zie je het overzicht van wapens van Hollandse en Utrechtse districten die samen het Hoogheemraadschap Zeeburg en Diemerdijk vormen. Deze wapens zijn gemaakt als illustratie voor op een publicatie (1749) met besluiten over het Hoogheemraadschap en voor op de gebiedskaart met illustraties van Jan Wandelaar.

    Kijk zeker op de website van Het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV), op de pagina Historisch Archief.
    Het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV)

    omhoog

    De Sluizen.

    Het besluit tot aanleg van het Merwedekanaal werd genomen door minister Klerck in 1881 en werd in 1892 officieel in gebruik genomen.
    Eerst bestond het plan om vanaf Nigtevecht tot Utrecht de Vecht te verbeteren, zodat deze geschikter zou zijn voor het beoogde scheepvaartverkeer. Dan zou slechts van Nigtevecht tot aan Zeeburg een nieuwe vaart nodig zijn. Om vanuit Amstelland naar de Vecht te komen waren deze sluizen nodig. Jammerlijk werd dit eerste plan, nadat reeds de sluiswerken voltooid waren, gewijzigd. Nu werd het Merwede kanaal geheel doorgetrokken tot Utrecht.
    Dit maakte dat de grote sluis te Nigtevecht, lang 120 m en 12 m wijd, en de kleine sluis 90 m lang en 6 m wijd, overbodig werden.
    Maar geheel onnuttig zijn de sluizen niet, daar zij het kanaal met de Vecht verbinden, en dus voor de vaart van Utrecht naar Amsterdam van groot nut blijven.

    De sluizen van Nigtevecht zijn ook gebruikt ter verdediging van De Nieuwe Hollandse Waterlinie.

    De betonnen DUIKER uit 1939-1940 ligt in de Kanaaldijk Oost van het Amsterdam-Rijnkanaal bij het dorp Nigtevecht, juist ten zuidwesten van de sluis in de Vecht en nagenoeg tegenover het fort Nigtevecht.
    Door de duiker konden versnelde inundaties tot stand worden gebracht in het gebied ten oosten van de Vecht.

    omhoog

    Oud-Burgemeesters.

    Oud-Burgemeesters van Nigtevecht :

  • Sanderson (1823)
  • F.D. Sprenger
  • J. van Andel (1850-1851)
  • W.F.G. Greup (1852-1853)
  • C. Fock (1853-1855)
  • jhr. mr. H.A.C. de la Bassecour Caan (1855- )
  • Jhr. J.J. de Geer van Rijnhuizen
  • A. van Lawick van Pabst
  • W.H.J. baron van Heemstra (1868-1875)
  • J.G.E. baron van Ittersum (1875- )
  • Jhr. J.A.F. Backer (1882-1911)
  • L. Schiethart (1911-1945)
  • H.J. Doude van Troostwijk (1945)
  • L. Schiethart (1945-1946)
  • F.D. Sprenger (1946-1968)
  • Mr.Dr. J. Hazenberg (1969-1974)
  • Jaap Verkerk (1974-1980)
  • H.S Spoelstra (1981-1989)

    omhoog

    De Vecht.

    Natuurlijk ligt Nigtevecht aan de mooiste rivier van Nederland "De Vecht".

    Deze rivier loopt door de provincie Utrecht. Het was vroeger een rijnarm, werd gekanaliseerd en loopt nu van Utrecht naar Muiden.
    Hier mondt hij uit in het IJmeer. Langs de oevers bevinden zich vele landhuizen en buitenverblijven van Amsterdamse kooplieden uit de 17e 1n 18e eeuw.
    2200 v Chr: Oer-Vecht gaat als zijtak van een voormalige Rijnarm door het veengebied stromen.
    Aa, Angstel & Gein zijn westelijke zijtakken (en gedurende lange tijd hoofdtakken).
    Een hele mooie website is www.vecht.nl
    Hier kun je bijna alles vinden over het mooie riviertje "de vecht".

    Ook een interessante site met veel informatie over de "de vecht" Hoogheemraadschap Amstel. Gooi & Vecht.

    Over de natuur rondom de vecht is IVN Vecht & Plassengebied erg interessant.

    omhoog

    Kaart van Jan Wandelaar.

    In het "Nieuw Land erfgoed centrum" in Lelystad, hangt een kaart, genaamd "Kaarte van alle de Dykpligtige en eenige Waalpligtige Landen Behorende onder het Hoogheemraadschap van den Zeeburg en Diemerdyk".

    Van de conservator van het Museum, heb ik hierover deze informatie gekregen.


    Het is een waterschapskaart, die is samengesteld uit verschillende deelkaarten, die letterlijk aan elkaar geplakt zijn. Bij elke versie was weer een andere samenstelling mogelijk. Kleine delen konden zo "ge-update" worden, zonder alle gegevens te moeten wijzigen. Zo zijn van deze kaart maar liefst 7 versies verschenen, in de jaren 1727 tot 1754.
    Deze kaart is in 1751 vervaardigd door Jan Wandelaar (1690-1759) in opdracht van het Hoogheemraadschap van de Zeeburg en Diemerdyk.
    Jan Wandelaar was een in Amsterdam werkzame kunstenaar en kunstverzamelaar.

    Dijkplichtigen zijn eigenaren of gebruikers van gronden in Diemen, Overdiemen, ten noorden van Gaasp en Smal-Weesp en langs de westzijde van de vecht noordwaards door Muiden tot de zeedijk, verantwoordelijk voor aanleg en onderhoud van de dijk.
    In de overige gebieden is men waalplichtig, d.w.z. verantwoordelijk voor het herstel van een waal of een gat in de dijk.
    Links onder is een "zuil" geschilderd.
    Hier staan de wapens en namen van de stemhebbende en daaronder de contribuerende districten van het Hoogheemraadschap, afkomstig uit Holland en Utrecht.
    Nigtevecht was en een van.

    omhoog

    Tsaar Peter de Grote van Rusland.

    Tsaar Peter de Grote heeft een tijdje in(bij) Nigtevecht gewoond.

    Het landgoed "Petersburg" is gebouwd in ± 1700.
    Het is door de Amsterdamse koopman Christoffel Brants, genoemd naar Tsaar Peter de Grote, keizer van Rusland.
    Christoffel Brants had een handelscontact met Rusland en een heel erg goede relatie met Tsaar Peter de Grote.
    Brants had Tsaar Peter in Rusland geholpen met de oorlog tegen Zweden. In ruil hiervoor werd Brants tot de Russische adelstand verhevenen en als dank hiervoor noemde Brants zijn buitenplaats aan de Vecht Petersburg.
    Tsaar Peter was een groot liefhebber van tuinen, buitenplaatsen en kunst- en rariteitenverzamelingen.
    In 1698 en 1717 bracht Tsaar Peter de Grote meerdere bezoeken aan de Vechtstreek en de Amsterdamse Hortus Botanicus.
    Hij was in Nederland om kennis op te doen over schepen en waterbouw.
    Petersburg was een van de mooiste buitenhuizen aan de Vecht. Het was gelegen bij Nigtevecht, tegenover de Vecht en Gein, nu Breevecht geheten.
    Vecht en Gein waren de stallen van Petersburg. De prachtige tuin met vele fonteinen en mooie beplanting was ontworpen door architect Simon Schijnvoet.
    Het landgoed van Petersburg had een oppervlakte van 30 hectare.
    Dit prachtige buiten is in de 18e eeuw gesloopt.
    Er bestaat een verhaal dat de keizer van Rusland er een genoegen in schepte een hoveling of bediende in een kruiwagen neer te zetten en vervolgens persoonlijk dat gelegenheidsvervoermiddel zodanig te manoeuvreren, dat de inzittende in de taxushagen belandde.
    Deze "varkentjesvreugde" bereikte ongetwijfeld een hoogtepunt als de ongelukkige in een van de waterpartijen belandde. De plaats van lusthof en tuinen is nu alleen nog maar herkenbaar aan enige welvingen in het weiland en een afwijkend sloot- en greppelpatroon.

    Voor meer informatie over Tsaar Peter de Grote in Nederland, lees verder op de website Buitenplaats Petersburg & Peter de Grote

    omhoog

    Fort Nigtevecht.

    Fort Nigtevecht maakt deel uit van de Stelling van Amsterdam, en behoord tot de linie Abcoude-Nigtevecht.
    Rond 1888 is het aarden fundament van het fort gelegd. Het geheel bestaat uit een binnen fort, een gracht en een buitenfort.
    Het fort is gemaakt van beton in plaats van baksteen, en is van het type met 2 hefkoepels en 2 kazematten aan de achterzijde.
    In 1987 is het Vereeniging Natuurmonumenten in het bezit gekomen van het fort en in 1996 heeft UNESCO de forten ring uitgeroepen tot werelderfgoed monument.
    Fort Nigtevecht word nu gerestaureerd door de "Stichting Herstelling".

    In de jaren '50 is er luchtdoelartillerie geplaatst op de plateaus uit 1927.

    omhoog

    Jan Voerman Jr.(1890-1976).

    Werkte tussen 1912 en 1914 aan het vervaardigen van Verkade plaatjes voor het album "de Vecht".
    Hij maakte onderandere deze mooie plaatjes van (l) Nigtevecht en (r) de vecht.

    Voor meer van zijn werk, bezoek de website van Jan Voerman Jr.(1890-1976)

    omhoog

    KLM Fokker Noodlanding.

    Op 12 maart 1927 maakte de F.8 vanaf Schiphol de eerste vlucht, om op 27 juni als H-NADU (c/n 4993) bij de KLM in dienst te worden genomen.
    Op 27 augustus 1927, twintig minuten na vertrek van Croydon (Londen) werd het toestel onbestuurbaar door een breuk van de roervlakverspanning, waardoor het kielvlak en het richtingsroer omklapten.
    Piloot Evert van Dijk slaagde erin veilig aan de grond te komen maar raakte bij de landing een boom; de rechtermotor drong de romp binnen waardoor de boordwerktuigkundige Jacob Brunklaus de dood vond. Van Dijk en de passagiers kwamen er met lichte verwondingen vanaf, maar het vliegtuig was verloren.
    Omdat het ongeluk in zeer slecht weer plaatsvond en het de eerste keer was dat een Fokker-vliegtuig een dergelijk mankement vertoonde, werden weersomstandigheden veelal - ten onrechte - als oorzaak aangegeven. Het vertrouwen van de KLM in het nieuwe Fokker-product was hierdoor overigens kennelijk niet geschokt.
    Op 3 september 1927 werden nog eens zes F.8'en besteld. Ze werden afgeleverd tussen januari en juni 1928 en kregen de registraties H-NAED t/m H-NAEI (c/n 5041/5046). In 1929 werd H-N gewijzigd in PH- en zo werd dit PH-AED t/m PH-AEI, uitgezonderd de H-NAEE, die op dat moment niet meer bestond.
    Op de terugweg uit Malmö moest KLM-vlieger Tepas met dit toestel op 11 april 1928 een noodlanding maken bij Nigtevecht, toen eerst de linkermotor uitviel en daarna de rechter ook problemen ging vertonen. De inzittenden kwamen met de schrik vrij.
    Overigens was het vertrouwen van de KLM in de F.8 wel gerechtvaardigd, want verder deden zich met dit type geen ongelukken in KLM-dienst voor. Het type deed uitsluitend dienst op de Europese lijnen, tot volle tevredenheid, en later nog voor binnenlandse vluchten en rondvluchten.
    Tussen 1934 en 1937 deed de KLM drie F.8'en van de hand, terwijl de PH-AED naar de Antillen ging en de PH-AEH een geheel nieuwe loopbaan kreeg als fotovliegtuig.

    Foto : het leven geïlustreerd 21-04-1928.

    omhoog

    Liedjes en verzen.

    Dierenriempjes
    Onderstaande dierenriempje is tussen 1965 en 1966 verschenen in het Eindhovens Dagblad

    De Specht
    Een erg ophakkerige specht
    woont in een eik in Nigtevecht.
    Hij zegt:''k zal nooit in beuken hakken,
    en eiken hakhout noem ik takken.
    Mijn eigenwaan krijgt daardoor deuken
    'k wil slechts op zware eiken beuken!"

    Dierenriempjes

    Door auteur en componist Jan de Laar Sr, is het liedje Juffrouw Specht uit Nigtevecht geschreven.
    Teks en compositie staan in dit juffrouwspecht.pdf-file, en is momenteel in te zien via www.muziekschatten.nl

    Schrijver: Daan Zonderland

    gedicht (nr. 1556):
    De aardrijkskunde geeft geen antwoord
    De aardrijkskunde geeft geen antwoord
    Op menig interessante vraag.
    Waarin bijvoorbeeld schuilt de oorzaak
    Dat men moet huilen in Snikzwaag?

    Woont er wellicht in Opperburen
    Geen burger op begane grond?
    Kent Kietvitshaar geen kievitsveren?
    Is zwijgen zonde in Roermond?

    In welke talen converseert men
    In 't Brabants Babyloniënbroek?
    Waarmee bedekt men oosterbenen
    In 't vreemde plaatsje Westerbroek?

    Wie zit er stil in 't dorpje Wippert?
    En wie is wie in 't Friese Wie?
    Zijn er alleen maar kromme benen
    In het Noord-Hollands Krommenie?

    Kent men in Noordeloos geen Noorden?
    Wie komt in Voorin achteraan?
    En moet een man in Plankenwambuis
    Zijn hele leven rechtop staan?

    Heeft Middenin geen buitenkanten?
    Heeft Nummereen geen plaats voor twee?
    Kent men in Nigtevecht geen neven?
    Zegt niemand ooit in Jabeek: 'Nee!'?

    Was de geboorteplaats van Nemo
    Wellicht het dorpje Nergena?
    En zijn er werklijk geen sopranenv In 't schone plaatsje Altena?

    ------------------------------
    uit: 'Redeloze rijmen', 1952.

    omhoog

    Foto's Nigtevecht

    omhoog

    Websites over Nigtevecht.

  • Nieuws uit Nigtevecht
  • Website over Nigtevecht in de jaren 1899 en 1900 www.internetgemeentegids.nl
  • Een website over het plaatsje Nigtevecht en haar bewoners.www."sleutel2000.nl"
  • De geschiedenis van de parochie www.kanparochies.nl
  • Beeldbank van het Nationaal Archief : http://beeldbank.nationaalarchief.nl
  • De veerpont over de vecht bij Nigtevecht : www.voetveren.nl
  • nigtevecht.goedbegin.nl
  • PrikStad NigtevechtPrikStad Nigtevecht

    omhoog

  • 2002-2005, Ronald van Nigtevecht, www.vannigtevecht.nl
    Alle rechten voorbehouden.

    Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd, in enige vorm of op enige wijze, electronisch of mechanisch inclusief fotokopieren, opnemen, of met enig informatie opslag en verzamel systeem, voor commercieel gebruik, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Ronald van Nigtevecht.